De draaischijf 7186  (analoog)

 

Elke modelbaan met stoomloks heeft een BahnbetriebsWerk nodig. De werkplaats voor de stoomloks, waar de stoomloks klaar gestoomt worden voor hun volgende rit. Een sterk aantrekkingspunt op de stoomwerkplaats is een gigantische draaischijf met lokloods. Vanouds heeft Marklin de draaischijf in het assortiment, en wel onder het nummer 7186. De nieuwe draaischijf heeft het nummer 7286.

De draaischijf heeft 10 spooraansluitingen, 6 voor een dubbele lokloods en 4 voor aanrijsporen. De draaischijf is op afstand bedienbaar.

 

 

Bij de draaischijf kunnen twee lokloodsen 7028 geplaatst worden. Een volledige Bahnbetriebswerk geeft een mooi plaatje wat op een modelbaan met stoomloks niet mag ontbreken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Aansluitingen van de draaischijf.

De draaischijf wordt bediend met een eenvoudig kastje met twee drukknoppen.

Dit kastje wordt rechtsreeks met drie draden op de schijf aangesloten.

 

De aansluiting van de draaischijf 7186.

De aansluiting is niet al te moeilijk. Let wel dat de rode draad naar de middenleider van de rail getekend is. Normaal gaat dit middels de rail of aansluitrail..

Sporen schakelen af als de schijf niet in die stand staat.

Dit is gedeeltelijk waar en gedeeltelijk niet waar.De 4 aanrijsporen zijn met elkaar doorverbonden en staan dus continue in verbinding met de rijspanning. De 6 sporen waar de lokloods bij staat zijn door de schijf afschakelbaar. Dit houdt in dat als een lok naar de lokloods gebracht moet worden en de schijf staat in die stand dan krijgt dat stuk rail de rijspanning en kan de lok de loods ingereden worden. Staat de schijf in een andere stand dan is dit stuk rail afgeschakeld.

De groen omcirkelde sporen zijn de sporen voor de lokloods. Deze zijn door de stand van de schijf schakelbaar. De rood omcirkelde sporen zijn met elkaar doorberbonden. Als op de een de rijspanning staat dan staat deze op alle 4.

 

 

 

 

 

De draaischijf 7186 aan de onderkant. Te zien is dat er een verbinding is tussen de rood omcirkelde railaansluitingen. De doorverbinding naar de 6 lokloodssporen worden in het hart gemaakt. De hoofdaansluiting van deze 6 sporen komt van de rail aan de onderkant.